woensdag 29 juli 2009

in Praha

Ik ben er, in Praag, de eindbestemming is bereikt! Van de laatste drie fietsdagen waren er twee nog behoorlijk pittig. Zondag had ik tweewerf pech; Het vertrek uit Klaster Tepla verliep niet zo vlot als gewenst. Je kunt in Tsjechië wel met je creditcard betalen, maar dan moet je wel je pincode weten... Een Tsjechische geldautomaat was ik nog niet tegengekomen en euro's had ik niet meer genoeg. Er zat niets anders op dan naar het volgende dorp te fietsen, 2 kilometer bergopwaarts. Maar wat bleek: platte achterband..... Band opgepomd in de ijdele hoop dat het misschien geen lek was maar het gevolg van een loszittend ventiel of iets dergelijks. Het dorp levert in ieder geval geld op en de band is na de tocht nog redelijk hard. Toch maar even de bandenlichters uit de tas gehaald. Beter hier plakken dan straks in the middle of nowhere. Met grote moeite krijg ik een emmer water van de receptie, want ik kan het lek niet in een keer vinden. Ze zijn hier niet zo behulpzaam als in Duitsland helaas. Een piepklein gaatje vind ik. Maar helaas pindakaas is mijn tubetje lijm verdroogd. Dit is nu wat je verkeerde zuinigheid noemt. Hier ga ik van leren! Ik vind gelukkig nog een zelfplakkende plakker die er mee door kan en daar moet ik het mee doen. We gaan op weg. De eerste tien kilometer gaan redelijk, daarna moet ik bijpompen. Het is ook nog pittig klimmen in dit gebied. Ik moet regelmatig van de fiets af, wat op zich wel goed is voor de achterband. Het wegdek - vol gaten en onregelmatigheden, de bepakking en mijn eigen gewicht - ben nog geen grammetje afgevallen, veel te veel trek in lekkere dingen - doen de achterband geen goed. Ik moet steeds vaker bijpompen. In een dorp -gehucht- dat ik tegenkom, probeer ik hulp in te roepen. De enige die ik te zien krijg zijn twee valse blaffende honden met vlijmscherpe tanden, gelukkig zit er nog een hek tussen ons. Het is een beetje pech dat dit net het minst bemenste stuk Tsjechië is, dus ik ploeter nog vele kilometers voort, al pompend, fietsend, lopend. Het is prachtig weer en het landschap is echt om over naar huis te schrijven, maar nu even niet. Geen foto's gemaakt ook, je raakt toch een beetje gestressed van zo'n situatie.
Wanneer ik Plzen op zo'n 20 kilometer genaderd ben, zie ik ineens drie racefietsters langs de kant van de weg staan. Die moeten plakspullen bij zich hebben. Ze zijn er in eerste instantie zichtbaar niet zo blij mee, maar als keurige heren, plakken ze toch netjes mijn band. Het wordt nog bijna gezellig. Het is een beetje een stug volk hoor, die Tsjechen. De rest van de weg is een eitje. Tegen een uur of drie ben ik in Plzen. Ik logeer in hotel Continental, niet zo maar een hotel, maar beslapen door zowel Marlène Dietrich als John Malkovich, roept de hotelfolder mij toe. Plzen is bekend om zijn bierbrouwerijen (Urquell voor de kenners) en de Skodafabriek. De laatste deed in WO II dienst als wapenfabriek, reden waarom Plzen meermaals gebombardeerd is destijds. Het heeft een charmant centrum, niet heel groot, wel heel mooi, met mooie gerestaureerde, pastel gekleurde gebouwen. Het centrum is omzoomd door parkjes met vele bankjes, waar de Plzenaren op hun gemakje zitten te keuvelen. Heel ontspannen sfeertje hier. In het park een fototentoonstelling 'Alive', grote foto's met mooie afbeeldingen van natuurverschijnselen op onze aardbol. Met deprimerende teksten eronder over het feit dat dit allemaal snel naar de verdoemenis gaat. Na de eerste drie teksten kijk ik alleen nog naar de plaatjes. Ik wil juist een beetje opgekikkerd worden. Daarna bezoek ik nog de -nog niet helemaal- gerestaureerde synagoge. Ook hier een fototentoonstelling. En zo kom ik weer helemaal bij in Plzen.


Maandag ook een zware dag. Had gelezen dat het na Plzen wederom vlak zou zijn. NOT dus. Ik heb wat af moeten klimmen en het viel me zwaar. Zal ook wel te maken hebben met twee weken achter elkaar zo veel fietsen. Voor elke kilometer moest gezwoegd worden. Ook was er erg slecht bewegwijzerd en heb ik weer een flink aantal kilometers teveel gedaan daardoor. En het was warm! Was me vergeten in te smeren, heb nu verbrande armen - en het wegdek was over het algemeen abominabel. Al met al een pittig dagje. De route is ontegenzeggelijk mooi, beekjes en bossen vandaag. Na flinke klimmetjes van 10 % in een hotel in Horovice beland. Morgen nog iets van 60 kilometer naar Praag. Hoop maar dat er niet te veel klimmen in zit.
Ik ben het alleen zijn ook wel erg beu. Weer de zoveelste hotelkamer in je eentje. Straks weer eten in je eentje. Ik heb Jos zijn foto bij me, die zet ik elke nacht op mijn wisslende nachtkastjes. Helpt een klein beetje, maar ik mis hem daardoor des te meer soms. Nou ja, ben niet in een hoerastemming vandaag...
Dinsdag gaat het een stuk beter: de laatste kilometers, ik ben er wel aan toe. 's Ochtend bij het ontbijt twee Nederlanders tegengekomen die dezelfde route rijden. Ik was ietsje eerder vertrokken, maar na een kilometer of tien haalden ze me in. De rest van de dag samen opgefietst met Jan en Marja uit Vlierden, hele lieve en gezellige mensen. Samen koffie geleut en vlak voor Praag geluncht en geproost op onze aankomst in Praag. Ik vind het erg moeilijk om te vertellen waarom ik in mijn eentje deze tocht maak. Ik kan het bijna niet over mijn lippen krijgen dat Jos is overleden. Het blijft erg moeilijk om dat tegen 'nieuwe' mensen te vertellen. Het weerhoudt me er eerlijk gezegd van om contact te maken. Maar met Marja en Jan ging het goed. Ze zijn van dezelfde leeftijd en hadden het in hun omgeving de afgelopen tijd drie maal meegemaakt dat vriendinnen van hun leeftijd hun man verloren hadden.


Het fietsen was gelukkig bijna overal vlak, we hadden er flink de sokken in en waren rond een uur of twee in Praag. Ik moet voor één nachtje nog een hotel zoeken, had pas vanaf morgen gereserveerd.
Maar wat een schitterende stad zeg! Wat een gebouwen.... Na al die natuur is het heerlijk om weer in de stad te zijn.

zaterdag 25 juli 2009

Smokkelend de grens over

Vanmorgen had ik er ineens helemaal geen zin meer in. Weer een dag fietsen. Gisteravond had ik in mijn routebeschrijving gelezen dat ook dit weer een behoorlijk zware etappe zou worden, met een klim van zelfs 18% erbij! Heb je het hoogste punt gehad, dan wil je toch liever omlaag. Ik besloot linea recta naar het Bahnhof van Marktredwitz te fietsen. Eerste -Duitse- stuk ging prima. plek voor de fiets, kon erbij gaan zitten, geen enkel probleem. Lekker vanachter het raampje naar de bergen kijken. In Cheb, vroeger Eger geheten -en nog steeds schijnt het niet te boteren tussen de Tsjechen en de Heimatvertriebenen- moest ik overstappen op een Tsjechische trein. Dat was een stuk krapper, maar ging net. Moest bij elk station mijn fiets verplaatsen om mensen in of uit de deur te kunnen laten gaan. Op een gegeven moment moesten we er met zijn allen uit. Verder met de bus, begreep ik. Ik ook? Ja, gaat gemakkelijk met de fiets....Ik weet niet of je ooit geprobeerd heb met een fiets met volle bepakking in een bus te stappen - een bus zonder invalideningang- maar dat is niet gemakkelijk. Zelfs met de hulp van de potige buschauffeur- tatoos, hangsnor en hoofdband- was dat nog niet gemakkelijk. De fiets kon uiteindelijk net in het gangpad achterin. Ik was blij dat ik behoorlijk resoluut naar voren was gelopen. Ik zag de andere vier fietsers uit de trein beteuterd met hun fietsen achterblijven, toen onze bus vertrok. Affijn, zo heb ik toch maar liefst 70 km door zwaar gebied weten te smokkelen. Ik kwam in Marianske Lazne aan in een enorme plensbui. Eerst een gebakje met koffie gedaan om te vieren dat ik heelhuids in Tsjechië was beland.
Een stukje fietsen, daar had ik inmiddels wel weer zin in toen het zonnetje begon te schijnen. Door de Boheemse heuvels op weg naar Klaster Tepla, zo'n 25 kilometer fietsen. Ook nog wel stevig klimmen zo nu en dan, maar dat ik die 70 kilometer niet had hoeven doen, maakte veel goed. Onderweg kwam ik ineens midden in de hondenraces terecht. Op een tweetal weilanden waren parcours uitgezet om met hazewindhonden achter een haas aan te racen. Op het weiland ernaast gelegen, een geïmproviseerde camping met caravans, tenten en campers. En een heleboel mensen van allerlei nationaliteiten - Tsjechen, Nederlanders, Belgen, Italianen kwam ik tegen - en allemaal met van die dunne racehonden. En als die hondjes niet hardlopen hebben ze bonte kleedjes aan, echt fantastisch om te zien, een hele happening.
Nu dus in Klaster Tepla, ik ben er al eens eerder geweest met Kaja, Niels en Jan. Toen Niels een jaar of twee was en Kaja dus een jaar of acht, hebben we hier in de buurt gekampeerd, 17 jaar geleden dus al. Ik herinner me nog dat onze tent net op het randje van een -klein- heuveltje stond en dat Niels het geweldig vond om elke keer dat heuveltje af te rennen. En dat er een meertje bij de camping was, waar we met Kaja ging zwemmen, ze had net haar diploma. In Klaster Tepla zijn we toen ook geweest, maar volgens mij konden we er toen niet in. Klaster Tepla is een beroemd Norbertijner klooster, vele malen verwoest, als laatste door de communisten in de jaren 50. Ze hebben de monniken naar werkkampen gestuurd en er een kazerne van gemaakt. Vandaag was ik net op tijd voor de laatste rondleiding. Een nonnetje, klein, maar met een enorme stem, gaf uitleg in het Tsjechisch. Voor de buitenlanders was de rondleiding in een stencil vertaald. Het was prachtig, ondanks alle verwoestingen is er nog heel wat bewaard gebleven en inmiddels ook gerestaureerd. Schitterende barokke kerk met vergulde beelden, fresco's van wand tot en met plafond, houtsnijwerk, prachtig stucwerk op de plafonds, wat een rijkdom, overdadig, mede bedoeld om te imponeren en de protestanten zo de wind uit de zeilen te nemen. De bibliotheek die onderdeel van het klooster is, is misschien wel de beroemdste van Tsjechië. Tienduizenden oude boeken, met niet alleen maar godsdienstige onderwerpen. Ik slaap in het hotel dat bij het klooster hoort. Heb uitzicht op de kerk en in mijn kamer hangt een kruis en een religieuze prent. Morgen weer een echt stukje fietsen. Nog 174 kilometer!

vrijdag 24 juli 2009

Het hoogste punt

Het hoogste punt van de reis is vanochtend bereikt. Yo!
Eerlijk gezegd zag ik erg op tegen deze etappe. Dwars door het Fichtelgebergte. Pffff, waarom wilde ik dit ook weer? Was dit wel zo'n goed idee, kunnen mijn knieën hier wel tegen, zou ik het wel halen? Ik ben tenslotte ook al weer 47 geworden. Maar nu terugkrabbelen vind ik toch te slap. Dus daar gaan we, Pegasus en ik. De eerste vijf kilomer gaan nog wel, maar dan begint de klim, 10 kilometer gestaag omhoog, zo'n 4 tot 5%. Eigenlijk valt het best mee, ik raak niet eens buiten adem. Het lijkt een beetje op de Nesciobrug, maar dan veel langer. En zonder tegenwind, dat moet ik er eerlijk bijzeggen.
Die brug die fiets ik voortaan lachend over. Het laatste stukje naar Bisschofsgrun moest ik wel lopen, toen werd het nog een kilometer erg steil. Ik dacht dat dat het hoogste punt al was, maar had niet helemaal goed gelezen. Ik moest nog verder, tussen de skiliften door. Maar ik heb het uiteindelijk gehaald en de beloning was fenomenaal! Kilometerslange, geleidelijke afdaling door prachtige bossen met bemoste grote rotsten, langs meren en snelstromende beekjes, omzoomd met bloemen, de stilte, het was alle moeite van de klim waard geweest. Daarna heb ik nog wel een tweede berg moeten nemen, met een veel minder geleidelijke klim. Eigenlijk was die veel zwaarder. In Marktredwitz vond ik het wel welletjes. 53 kilometer vandaag. Nog maar 19 kilometer van de Tsjechische grens en 260 kilometer van Praag. Mijn intrek genomen in het Bairischer Hof. Vanachter de geraniums van mijn hotelraam luister en kijk ik naar de plaatselijke fanfare, die op het marktplein staat te swingen.

donderdag 23 juli 2009

Eerste pech onderweg


Vanochtend met zonnetje vertrokken, maar al gauw betrok de hemel. Donkere dreigende luchten, maar met hard fietsen kon ik de buien net voorblijven.
Ergens onderweg moest ik in een bocht een hele nare oversteek maken over een drukke weg. Wilde ik snel doen, maar snelde te snel het stoepje af, waardoor mijn fietstas eraf vloog. Dat was nog niet het ergste, maar mijn fietstas bleek kapot! Alhoewel: mijn fietstas, de fietstas van Jan Smit (niet dé, die staat niet in mijn mobiel, Jan Smit uit Osdorp bedoel ik). Het mechaniekje waarmee de tas de bagagedrager omarmt, bleek ontwricht en de fietstas kon niet meer aan de fiets gehangen worden. Zo kon ik niet verder! Mooi was wel dat binnen tien minuten zich drie mensen aanboden om me te helpen. Echt geweldig. Ik had al een redelijk groot vertrouwen in de mensheid, maar sinds vandaag kan dat niet meer stuk. Helaas konden ze geen van allen de tas van Jan maken, de inbussleutels bleken niet toereikend. Gelukkig was er een tankstelle nabij, waar twee dames met hele lange nagels en twee garagemannen zich opwierpen om het probleem op te lossen. En met een grote tang was het zo opgelost. De regenbui had me inmiddels ingehaald, maar daar maalde ik niet om, ik fietste blij met al deze belangeloos aangeboden hulp verder - regenjas aan. Mooie niet al te steile route veelal langs de Main.
Een uurtje later begon er weer een waterig zonnetje te schijnen. Tot in Lanzendorf. What s in a name, zullen we maar zeggen. Feit is dat de lucht zwart werd en het begon te donderen en te rommelen. Ik heb het nog net tot het volgende dorp Himmelkron gehaald en ben daar een hotel binnengerend, terwijl de eerste dikke druppels naar beneden kwamen. En toen barstte het goed los. Dit was niet zo maar een buitje, dit betekende de hele verdere middag regen.
En nu zit ik lekker in een luxe hotel aan de voet van het Fichtelgebergte. Met een reep Toblerone en een cola. Muziekje klinkt uit de laptop. Dus al met al weer een geluk bij een ongeluk. Ga zo lekker eten en een wijntje drinken, mijn boek uit lezen en uitrusten voor morgen. Dan ga ik echt de bergen in.

woensdag 22 juli 2009

Pap in de benen

Oh mensen, wat was dat afzien vandaag. In kan nauwelijks nog de trap naar de hotelkamer op. Het boekje had al gewaarschuwd: vanaf nu het zwaardere werk. Vandaag van het Werradal naar het Maindal overgestoken, en dat gaat ergens overheen -over een rug, van een gebergte of heuvel, dat vermeldt mijn gids niet- maar ik heb het idee dat ik 70 kilometer alleen maar geklommen heb. Soms was het zo steil dat het voorwiel van Gezel Pegasus omhoog kwam en ik daarom alleen al moest afstappen. Ik ben trouwens ook niet zo van de steile afdalingen, vind ik toch een beetje eng, dus die doe ik heel voorzichtig.
Maar goed, toch weer 70 kilometer dichterbij Praag en verder was het een ideale dag om te klimmen. 's Nachts had het nog gedonderd en gebliksemd, maar toen ik vanochtend op weg ging was het al weer droog. Niet te zonnig en slechts één klein buitje.
Vanmiddag het Stadtmuseum van Lichtenfels, bekend om zijn manden en korven, bezocht. Dat deze ambachtstak tot ontwikkeling is gekomen heeft vooral te maken met WO1: de vraag naar manden om de munitie mee op der rug te dragen was destijds enorm. Qua foto's heb ik vandaag wederom uitgestrekte graanvelden te bieden. Niet voor niets werd dit gebied al in de Middeleeuwen 'de Graanschuur van Europa' genoemd. Zo, genoeg weetjes voor vandaag.
Ik kom weinig medefietsers tegen, het lijkt wel of iedereen de andere kant opgaat :). Zou dat te maken hebben met de wind, die verdacht vaak vanuit het oosten lijkt te waaien? Volgens de uitbater van Linden Am Eck is de route ook nog niet zo heel bekend; deze fietsroute is pas een jaar of twee, drie geleden voor het eerst beschreven. Ik praat zo af en toe wel eens met een local, maar moet toch bekennen dat mijn slechte Duits een echt vlot gesprek behoorlijk in de weg staat. Gelukkig ben ik zelf goed gezelschap. Maar mis jullie wel hoor!

dinsdag 21 juli 2009

Over de helft

En ik ben weer 259 kilometers verder dan de vorige blog. In Themar, in pension Linden-Eck. Volgens mijn boekje heb ik 670 routekilometers gereden, volgens mijn fietscomputer - die heel accuraat is - zijn dat er 782, 112 meer dus! Zo'n 30 komen er voor rekening van de trajecten IJburg-Amsterdam Centraal en Arnhem Centraal-Millingen, maar dan heb ik er nog 80 te veel gereden...Het ging de laatste dagen erg goed met kaartlezen overigens, alleen vandaag had ik een bergje teveel. Duur bergje qua energie, want over een verschrikkelijk steil, modderig bospad.




Zondagochtend vertrokken met net nog geen regen. Vijf minuten later was het tijd om de regenjas aan te trekken. De hele dag gefietst met de jas aan. Niet dat het de hele tijd regende, maar wel redelijk vaak een buitje. Verder was het lekker fietsen, niet te veel klimmetjes, niet te veel kilometers om en een mooi landschap. Heb er niet veel foto's van, met die nattigheid verlies je daar de zin in.


Onderweg denk ik veel na -misschien dat ik daarom de weg zo vaak kwijt raak. Ergens is zo'n reis toch een soort pelgrimstocht en verwacht je met zoveel nadenktijd, dat je tot inzichten zult komen. Tot nu toe not really. Ik denk natuurlijk veel aan Jos en alles wat er de laatste jaren gebeurd is. Maar inzichten nee, of het moet zijn dat de weg naar het doel belangrijker is dan het doel zelf (Lao Tse, haha). Jos stuurde me vaak per sms taoïstische spreuken, soms als grapje en soms met een serieuze ondertoon.
Zondagmiddag -uurtje of drie- ben ik in Wanfried, 73 kilometer vanwaar ik begon. Het is dood en doodstil in Wanfried, echt helemaal niente, nada, niets te beleven. Gelukkig een hotel gevonden, waar ze ook avondeten serveren, want er is helemaal niets open verder. Een superlekkere en supergrote biefstuk, want van fietsen krijg je honger - en dorst.



Maandagavond ben ik kapot, 113 kilometer gefietst. Behoorlijk wat tegenwind en behoorlijk wat klimmetjes. Tegen een uur of vier wilde ik stoppen, maar toen begon de zon te schijnen en kreeg ik het windje mee. Dus toch nog tot een uur of zes doorgefietst en in Bad Salzungen beland, in Haus Hufeland. Bad Salzungen is een kuuroord. Ik kan er weinig over zeggen, want behalve het eerste beste restaurant heb ik er weinig van gezien. Klaagde ik gisteren nog dat ik geen inzichten had, vandaag dienden ze zich als vanzelf aan. Lucem demonstrat umbra oftewel erst der schatten zeigt dat licht. Het stond op een zonneklok en is maar al te waar. Daarnaast kreeg ik van het fietsen door die overweldigende, grotendeels van mensen verstoken landschappen bijna een soort godsbesef, mijn god, wat een schoonheid en een pracht. God of de evolutie, het is me om het even, maar van de slak tot de vogeltjes, van de rivier tot het gebergte, ik geniet er van, hoewel zo'n omgeving je ook onmetelijk klein maakt. In de serie 'Van de schoonheid en de troost' waren een aantal geinterviewden, die troost vonden in de natuur. Ik ook, een beetje en eventjes. Ik heb maandag trouwens door het gebied van de kalimijnen gefietst. Heel indrukwekkend, die enorme witte bergen. Je zal maar aan de voet van zo'n berg wonen.

Dinsdag 21 juli: vanochtend half acht wakker geworden, ik hoorde de regen. Nog maar een uurtje pitten. Om half negen: nog regen. Wat nu? Stukje met de trein? Dagje blijven? Het lijf was nog wel erg moe van die 113 kilometer gisteren. Eerst maar eens ontbijten. Een dagje blijven leek me niet echt aanlokkelijk. Bad Salzungen is niet zo groot en vooral gericht op kuren. Niks voor mij de hele dag nietsdoen.
Na het ontbijt leek op te klaren, dus ik ben toch gaan fietsen. Na een uurtje kon de regenjas al uit en nog een uurtje later moest het zonnepetje zelfs op. Het was af en toe flink klimmen vandaag, soms zelfs 15% wat ik dan ook niet haalde en moest lopen. Verder vandaag prachtige route, door bossen, weilanden, koren- en maisvelden, alle gelardeerd met allerlei kleurige veldbloemen, Kaja zou hier helemaal gelukkig van worden. En nu dan in pension Linden am Eck. Het eerste dat de uitbater liet zien toen ik binnenkwam was een teek onder een vergrootglas, die hij net bij zichzelf verwijderd had. Hij was namelijk het bos in geweest om bessen te plukken. Een beetje een rare man en een beetje raar pension. Op de kaart -voor het eten hè- stond ook Erotische Spezialiteit (voor Herren und Damen). Ik heb maar niet gevraagd wat het was en gewoon de schnitzel met bessen genomen, ben niet voor niets in het schnitzelparadijs.

zaterdag 18 juli 2009