Wanneer ik Plzen op zo'n 20 kilometer genaderd ben, zie ik ineens drie racefietsters langs de kant van de weg staan. Die moeten plakspullen bij zich hebben. Ze zijn er in eerste instantie zichtbaar niet zo blij mee, maar als keurige heren, plakken ze toch netjes mijn band. Het wordt nog bijna gezellig. Het is een beetje een stug volk hoor, die Tsjechen.
Dinsdag gaat het een stuk beter: de laatste kilometers, ik ben er wel aan toe. 's Ochtend bij het ontbijt twee Nederlanders tegengekomen die dezelfde route rijden. Ik was ietsje eerder vertrokken, maar na een kilometer of tien haalden ze me in. De rest van de dag samen opgefietst met Jan en Marja uit Vlierden, hele lieve en gezellige mensen. Samen koffie geleut en vlak voor Praag geluncht en geproost op onze aankomst in Praag. Ik vind het erg moeilijk om te vertellen waarom ik in mijn eentje deze tocht maak. Ik kan het bijna niet over mijn lippen krijgen dat Jos is overleden. Het blijft erg moeilijk om dat tegen 'nieuwe' mensen te vertellen.
Het weerhoudt me er eerlijk gezegd van om contact te maken. Maar met Marja en Jan ging het goed. Ze zijn van dezelfde leeftijd en hadden het in hun omgeving de afgelopen tijd drie maal meegemaakt dat vriendinnen van hun leeftijd hun man verloren hadden.
Het fietsen was gelukkig bijna overal vlak, we hadden er flink de sokken in en waren rond een uur of twee in Praag. Ik moet voor één nachtje nog een hotel zoeken, had pas vanaf morgen gereserveerd.
Maar wat een schitterende stad zeg! Wat een gebouwen.... Na al die natuur is het heerlijk om weer in de stad te zijn.
